Over minder dan een maand starten in Zuid Korea de Olympische Winterspelen. Bror van der Zijde zat in 2014 in de bobslee voor de Nederlandse ploeg.

“Ik ben Bror van der Zijde. 28 jaar oud, 1.89m lang en 110 kg zwaar. Inmiddels woonachtig in Rotterdam. Ik ben niet altijd met topsport bezig geweest. In mijn jeugd heb ik vooral gesport, omdat ik het leuk vond. En toevallig was ik er ook nog goed in ook. Pas vanaf een jaar of veertien werd het serieuzer en ging ik ook echt doelen stellen en steeds meer en harder trainen. Ik ben in 2010 begonnen met bobsleeën. Ik heb me toentertijd ingeschreven bij de talentenjacht van de BSBN (Bob en Slee Bond Nederland).  Ik scoorde zeer goed bij de testdagen en werd daardoor uitgenodigd door Ivo de Bruin om met hem mee te gaan op trainingskamp in Noord-Amerika. Nu acht jaar later slee ik weer met piloot Ivo de Bruin.”

“Voordat ik ging bobsleeën heb ik aan kogelslingeren en kogelstoten gedaan. Ik deed hierbij mee in de top van Nederland. Echter begon ik door een gebrek aan progressie langzaam het plezier te verliezen. Ik was ooit in het verleden al een keer gevraagd om het bobsleeën te proberen, maar daar was het toen de tijd nog niet voor. Na de Olympische Winter Spelen in Vancouver organiseerde de BSBN een talentenjacht. Hier heb ik mij toen voor de grap voor ingeschreven. Tijdens de testdagen was ik een van de beste en werd daardoor uitgenodigd door Ivo de Bruin om met hem mee te gaan voor een acht weken trainingskamp in Noord-Amerika. En zo ben je acht jaar verder.”

Olympische spelen

“Om mee te mogen doen met de Olympische Winter Spelen in 2014 moesten wij een top acht doen tijdens een van de Worldcups in dat jaar. Dit lukte ons team tijdens de Worldcup in Lake Placid, met precies een 8ste plaats. Toen deze kwalificatie binnen was voor Nederland was het niet echt een verrassing, dat ik uiteindelijk mee mocht met het team naar de Olympische Spelen. Ik had mij in de jaren ervoor ontwikkeld tot een van de beste remmers van de wereld. Ik had vooraf aan dit seizoen alle Nederlandse testen weten te winnen.”

“De Olympische Spelen zijn erg uniek. Ik ben nog steeds trots dat het mij gelukt is om te mogen deelnemen. In het Olympische dorp merk je ook echt dat je onderdeel bent van iets bijzonders. Er zijn zoveel sporters op dezelfde locatie die allemaal het zelfde doel hebben. Dat is echt heel mooi om mee te maken. De Olympische Spelen zijn zo veel groter dan welke wedstrijd die ik ooit heb mogen doen. Er is zo veel aandacht voor. Dat was zeker wennen, maar ook erg mooi om mee te maken. Wat het uiteindelijk helemaal af maakte was dat mijn familie aanwezig was bij deze bijzondere wedstrijd. Dat ze niet alleen de dupe zijn van het afzien en egoïsme wat topsport met zich meebrengt, maar dat je ook samen hoogtepunten mag mee maken. Dat is erg mooi.”

“Meedoen is belangrijker dan winnen” geldt uitsluitend voor de mindere teams, waarvoor kwalificeren al ontzettend moeilijk is. Voor de topteams gaat het, zo als altijd, om winnen en ik denk dat dat niet meer dan logisch is.

Afscheid Edwin Calker

Na de Olympische Spelen van Sochi ben ik van team gewisseld. Ik ben toen in het Zwitserse team van Rico Peter gaan sleeën.  Edwin van Calker heeft na de Spelen nog een afscheidsseizoen gedaan en ik was dus niet bij het moment dat hij ging stoppen. Voor bobslee Nederland was het uiteraard jammer dat hij stopte. Hij heeft er uiteindelijk wel voor gezorgd dat Bobsleeën bekender is geworden in Nederland.

Het huidige team is te laat tot stand gekomen om een realistische kans te maken op top acht noteringen. Daarnaast moet wel in oogschaduw genomen worden dat de gehele top tien al op het podium heeft gestaan. Dus het niveau is erg hoog.

Topsport en privéleven

“Topsport heeft een grote impact op je privé leven. Je staat ermee op en je gaat ermee naar bed.  Weekenden en feestdagen zijn niet vrij, omdat er gewoon moet worden doorgetraind of gewerkt. Daarnaast is de arbeid-rust verhouding erg belangrijk. Dat betekent dat regelmatig leuke dingen achterwege worden gelaten. Maar daarnaast brengt topsport ook een hoop mooie dingen met zich mee.”

“Na de Spelen is er eigenlijk weinig veranderd. De eerste drie weken werd ik regelmatig aan gesproken, maar die aandacht ebt vanzelf weg. Daarnaast is de wil en passie voor de sport niet veranderd. Ik beleef nog steeds heel veel plezier aan mijn sport. Alleen in de niet Olympische jaren wordt er helaas een stuk minder aandacht besteed aan mijn mooie sport.”

“Als topsporter leer je presteren onder druk. Dit is een eigenschap die je goed kan toepassen in het dagelijks leven. Daarnaast blijft bobsleeën een teamsport waarbij je blindelings op elkaar moet kunnen vertrouwen. Het is immers een risicovolle sport. En als topsporter is het nooit goed genoeg. Dus je bent altijd op zoek naar verbeteringen”

Een tip voor beginnende topsporters

“Blijf hard werken en zorg dat je steeds beter wordt. Zorg dat je steeds kleine doelen behaalt om zo je ultieme doel te bereiken.”