In Nederland wordt er ieder jaar een stad verkozen tot de Roze Stad van dat jaar. In 2018 is dat Gouda. Hierbij wordt het Roze Jaar georganiseerd met als hoogtepunt Roze Zaterdag op 23 juni. De nadruk ligt op het zichtbaar maken van de rijkdom aan diversiteit die Gouda te bieden heeft en het vergroten van acceptatie van de LHBTI-gemeenschap (Lesbiennes, Homo's, Biseksuelen, Transgenders en Interseksuelen) in de samenleving. Een gesprek met de fractievoorzitter van GroenLinks, Michel Klijmij- van der Laan, over hoe het onderwerp LHBTI leeft binnen de deuren van het Huis van de Stad.

“In Gouda mag iedereen zichzelf zijn en blijft geen enkele deur gesloten”, zei burgemeester Milo Schoenmaker als basis voor het Roze Jaar. Hier sluit Michel Klijmij zich volledig bij aan. Hij is er trots op dat Gouda dit jaar de Roze Stad is en vindt het belangrijk dat Gouda een gemeente is voor iedereen. Daarvoor heeft hij ook een persoonlijke reden. “Ik heb een oom die homo is en al jarenlang getrouwd is met een man. Ik weet dus al van jongs af aan niet beter. En dat is ook een beetje de vanzelfsprekende manier waarop er vanuit de samenleving naar gekeken moet worden. Nederland is dan wel een van de meest progressieve landen op LHBTI-gebied, tegelijkertijd merk je wel dat homo’s of lesbiennes nog niet altijd hand in hand kunnen lopen.”

Om uiting te kunnen geven aan die boodschap van het vergroten van acceptie, vroeg de organisatie, Stichting Roze Zaterdag 2018 Gouda, subsidie aan bij de gemeente voor alle activiteiten tijdens het Roze Jaar. Het bedrag van 115.000 euro werd gehonoreerd door het college. Klijmij steunt dit besluit. “Aan die subsidie zit bijvoorbeeld ook voorlichting op scholen verbonden. Ik werk zelf op een school en merk hoe belangrijk het is om daar voorlichting over te geven. En het helpt ook. Hoe leerlingen nu naar LHBTI’ers kijken, is al veel beter dan toen ik zelf op de middelbare school zat. Er moet in dit komende jaar een basis worden gelegd om zo door te blijven gaan. Vaak is er een subsidie nodig om dat eerste zetje te geven.”

Maar ook binnen de gemeente heeft de toekenning van het Roze Jaar iets losgemaakt. “Er was eind november een motie van de SGP over het plaatsen van de Nederlandse en de Goudse vlag in de raadszaal. Ik vind zelf vlaggen in de raadszaal vertonen nergens voor nodig, in de Tweede Kamer trouwens ook niet. GroenLinks stemde dus tegen de motie, maar toen hij met een kleine meerderheid was aangenomen, kwamen we samen met D66 met een vervolgmotie om dan ook ieder jaar een themavlag te hebben, te beginnen met de Goudse regenboogvlag. Hierdoor is de diversiteit en tolerantie ook zichtbaar in de raadszaal. Ook deze motie werd met een nipte meerderheid van zeventien tegen vijftien aangenomen.”

Eerder vorig jaar kwam GroenLinks samen met D66 en de PvdA ook al met een motie die de rol van de gemeente bij het onderwerp LHBTI vorm gaf. In de motie ‘LHBTI voorbeeldrol van de gemeente’ wilde Klijmij enerzijds intern een LHBTI-vriendelijk klimaat waarbij de LHBTI’ers binnen de gemeente een prettige werkplek hebben. Anderzijds vond hij het belangrijk dat er regelmatig overlegd moet worden met de belangenverenigingen, zoals Gouda Roze. “Hou goed contact, wees een roze gemeente intern en straal dat ook uit. Een stad voor iedereen betekent dat je alle vormen van discriminatie tegen moet gaan. En bij sommige groepen moet je wat extra moeite doen, omdat dat niet vanzelf gaat.”

De motie kon niet op de steun rekenen van alle partijen. “Deze sympathieke motie is overbodig en contraproductief. We hebben namelijk al inclusief beleid in Gouda en herhalen van beleidsregels heet bij ons bureaucratie. Het stigmatiseert de LHBTI-gemeenschap in een soort ‘roze wolk’ die op geen enkele manier recht doet aan de werkelijkheid van de worsteling en de zoektocht naar hun identiteit”, aldus Wout Schonewille van de ChristenUnie. Ook de SGP, die tevens bezwaar maakte tegen de toegekende subsidie voor het Roze Jaar, stemde tegen. Ondanks deze weerstand werd de motie met een ruime meerderheid aangenomen.

Inmiddels is er binnen de gemeente een werkgroep aangesteld van ambtenaren die gaat nadenken over thema’s als inclusiviteit en een LHBTI-vriendelijk klimaat. Klijmij is hier redelijk tevreden mee. “Ik heb namelijk wel het gevoel dat we in de gaten moeten blijven houden of dit ook blijft gebeuren na het Roze Jaar. Uiteindelijk vind ik dat je als overheidsinstantie een voorbeeldrol hebt. Want als de gemeente zegt dat de discriminatie van LHBTI’ers geen groot probleem is, dan gaan mensen in de stad zich daar ook naar voegen.”

Over de korte termijn is Klijmij wel positief. “Ik heb toevallig al een keer van mijn ooms, die zelf ook bezig zijn met LHBTI-beleid, een lijst gekregen met wat ik allemaal moest gaan doen in Gouda. Dus toen legde ik dat naast de lijst wat er in ieder geval komend jaar voor Roze Jaar gebeurt en dat kwam overeen.”